230 meter veilig de haven in loodsen

Hij neemt de tijd, Rob Gerrits, loods in de havens van Amsterdam. Op volle zee moet hij vanaf een tenderboot van zo’n twintig meter lang, de 230 meter lange, lege tanker Maritina beklimmen via een touwladder. Gerrits concentreert zich op het juiste moment en waagt dan de sprong.

Een zeehaven binnenvaren is voor zeekapiteinen weliswaar bijna dagelijkse kost, maar iedere haven ziet er anders uit. Voor iedere kust loopt stroming anders, is de invloed van de wind anders en zijn de sluizen verschillend. Geen kapitein ter wereld kent al die havens uit zijn hoofd. Om toch alles vlot en vooral veilig te laten verlopen, zijn er loodsen. In Nederland zijn ze op verschillende plekken verplicht, niet alleen in Amsterdam, maar ook in bijvoorbeeld Rotterdam, in Zeeland en bij Harlingen. Zowel bij het in- als het uitvaren gaat er iemand mee van het loodswezen.

Bij het invaren worden de loodsen met behulp van een kleinere boot, die tenderboot wordt genoemd, aan boord gebracht. Tenzij de wind golven van hoger dan drie meter maakt, dan worden de loodsen aan boord gebracht met hulp van een helikopter. Die landt niet op het schip, de loods wordt via een touw aan boord getakeld.

Maar vandaag is het relatief rustig weer. Toch deint de zee behoorlijk en de afstand tussen de tenderboot en de Maritina verandert voortdurend. ,,Naar boven valt op zich wel mee,” zegt Gerrits eenmaal aan dek. ,,Weer van het schip af, dat is een stuk spannender.” En bij slecht weer, als de boten niet varen en de helikopter het ook niet meer aan durft, heeft de loods pech: hij moet mee. ,,Moest ik vorige maand nog. Ik had nog geluk dat het schip maar naar Engeland ging.”

Eenmaal op de brug neemt Gerrits de leiding over. ,,Officieel heb ik een adviserende rol, de kapitein hoeft niet per se te doen wat ik zeg. Maar in de praktijk wordt er altijd geluisterd naar de loods.” Gerrits geeft zijn aanwijzingen door aan de kapitein: ,,One, zero, two.” De kapitein herhaalt het, en als de koerswijziging is uitgevoerd, bevestigt hij het nog eens.

Om loods te mogen worden, moet je de hogere zeevaartschool gevolgd hebben. Daarna minstens een paar jaar ervaring op zee, zodat je de rang stuurman bereikt. Gerrits voer negen jaar op een cruiseschip. ,,Maar toen kwam het geijkte verhaal: de wereld wel gezien en thuis een gezin. Ik wilde niet meer zo lang weg.” Zo belanden veel zeemannen in de loodswereld. ,,Het is nog steeds varen op zee, maar dan vooral het leuke werk, het manoeuvreren enzo.”

Eenmaal de pieren van IJmuiden binnen, wacht Gerrits nog twee ingewikkelde klussen: de sluis en het aanleggen in de haven. Vanaf de brug geeft hij aanwijzingen aan zowel de kapitein als het schip, aan de vletbootjes die de draden naar de meerpalen brengen, als de sleepboten die het schip tegen de kant duwen. Maar Gerrits blijft er rustig onder en de hele operatie verloopt vlekkeloos. ,,Ik zeg altijd, hoe minder je van de manoeuvre hebt gemerkt, hoe beter de loods.”

 

Voor Sp!ts.