«

»

Sep 25

Van Belogradchik naar Belgrado

De douanebeambte keek me vreemd aan. ,,Hoe ben je hier gekomen? Lopend?! En… Hoe ga je weer verder?” Tja, op die laatste vraag had ik ook nog niet echt een antwoord. Van Belogradchik naar de grens was achteraf gezien best een eitje. Eerst de bus naar Vidin en vanaf daar de bus naar het grensdorp. De chauffeur was zo ‘aardig’ me tot de grens te brengen, al vond hij wel dat hij in ruil daarvoor me een kus mocht geven. Vooraf toestemming vragen zat er natuurlijk niet in, dus ik heb een heel tijdje mijn wangen lopen poetsen voor ik weer van het vieze gevoel af was.

Afijn, de grens dus. Eerst de Bulgaarse beambten, dan zo’n 800 meter niemandsland en dan de Servische grens. Daar vroegen ze niets, hoewel ook zij zich afgevraagd moeten hebben hoe ik verder ging komen. dat wist ik zelf ook nog niet, maar het ging makkelijker dan verwacht. Ik klopte op het raampje van een busje dat stilstond, maakte duidelijk dat ik mee wilde liften naar Negotin en ik was onderweg! Engels sprak de chauffeur niet, maar gelukkig heb ik ooit het rare plan opgevat Russisch te leren en dat sprak hij dan weer wel.

In Negotin ging hij op zoek naar het busstation voor me en pas toen hij zeker wist dat er snel een bus naar Belgrado ging, namen we afscheid. Fijn! Ik word er altijd zo blij van zulke mensen te ontmoeten. Ik bleek mazzel te hebben, want er gaat maar een bus per dag naar Belgrado en die bleek een klein uurtje later te vretrekken. De rest van de reis was een makkie en nog voor het donker was stond ik in Belgrado bij een hostel op de stoep.

Het zijn van die dagen dat ik me afvraag wanneer mijn geluk opraakt.